Een marter in de tuin of zelfs binnenshuis is voor veel mensen een onverwachte ontdekking. Toch komt het in Nederland steeds vaker voor. Met name de steenmarter heeft zich de afgelopen jaren steeds meer aangepast aan een leven dicht bij mensen. Het gevolg is dat hij zich soms nestelt op plekken waar je hem liever niet hebt. Denk aan een zolder, een spouwmuur of een beschut hoekje in de tuin. Maar hoe weet je zeker of je te maken hebt met een marter en niet met een ander dier? Er zijn duidelijke signalen die wijzen op de aanwezigheid van een marterhol en als je weet waar je op moet letten kun je veel ellende voorkomen

Typische plekken waar marters hun hol maken

Marters zijn opportunisten. Ze zoeken beschutte, droge en rustige plekken. In huis kiezen ze vaak voor een spouwmuur, een ongebruikte zolder of de ruimte onder dakpannen. Buiten zie je ze soms onder een stapel hout, in een oude konijnenburcht of onder een schuurtje. Ze graven niet altijd zelf een hol maar maken slim gebruik van bestaande openingen. Een marterhol in de tuin kan dus letterlijk in een oud konijnenhol zitten of in een ruimte onder een tuinhuis waar je nooit naar omkijkt

Sporen die wijzen op een marter

Een van de eerste signalen die opvallen is lawaai. Marters zijn ’s nachts actief en maken krassende of bonkende geluiden als ze zich verplaatsen. Op zolder lijkt het alsof er iemand loopt of iets laat vallen. Daarnaast laten ze duidelijke sporen achter. Denk aan pootafdrukken met vijf tenen en scherpe nagels. De afdruk is langwerpig en anders dan die van een kat of rat

Ook de geur is kenmerkend. Marters gebruiken geurklieren om hun territorium af te bakenen en dit kan leiden tot een scherpe, muskusachtige lucht. Zeker als ze langere tijd op één plek zitten zal de geur sterker worden. Daarbij komt dat ze hun ontlasting vaak op vaste plekken deponeren. Deze keutels zijn kronkelig, vaak met resten van veren of botjes erin en kunnen ook in de tuin worden aangetroffen

Verschil met andere dieren

Het verschil tussen een marterhol en bijvoorbeeld dat van een vos of das zit vaak in de locatie en de sporen. Vossen maken grotere holen en laten meer graafsporen achter. Dassen bouwen uitgebreide burchten met meerdere ingangen en gebruiken veel zand. Marters daarentegen blijven dichter bij mensen en laten minder zichtbare graafactiviteit zien

Ook het gedrag is anders. Marters zijn nieuwsgierig en durven dicht bij woningen te komen. Ze nemen zonder moeite de dakgoot of regenpijp om een zolder te bereiken. Dit gedrag zie je minder snel bij andere wilde dieren. Bovendien zijn marters solitair. Zie je dus maar één dier of hoor je enkel ’s nachts geluiden dan heb je mogelijk te maken met een marter en geen hele groep ratten of muizen

Schade door marters herkennen

Een marterhol brengt vaak ook schade met zich mee. Op zolder kan isolatiemateriaal worden vernield of kunnen kabels worden doorgebeten. In een tuin kunnen jonge vogels uit nesten worden gehaald of kippen worden aangevallen. Ook autoschade komt regelmatig voor. Marters kruipen onder de motorkap en knagen aan slangen of kabels. Als je regelmatig schade hebt zonder duidelijke oorzaak is het zinvol om na te gaan of een marter hierachter zit

Wat kun je doen als je een marterhol ontdekt

In Nederland is de steenmarter een beschermde diersoort. Dat betekent dat je hem niet zomaar mag vangen of verjagen. Toch zijn er preventieve maatregelen die je mag nemen. Het begint met het goed afsluiten van mogelijke toegangspunten. Denk aan kieren in dakranden, openingen in de muur of loze ruimtes in de tuin. Het gebruik van geurstoffen of ultrasone verjagers is toegestaan zolang dit het dier geen schade toebrengt

Soms is het raadzaam om een expert in te schakelen. Zeker als je twijfelt of het echt om een marter gaat of als het dier al lange tijd aanwezig is. Een gespecialiseerde ongediertebestrijder kan beoordelen welke maatregelen wel en niet zijn toegestaan en zorgt ervoor dat alles volgens de wet verloopt